FAQ

Veelgestelde vragen

Op deze pagina vind je enkele veelgestelde vragen over flamenco beantwoord.

Zijn er tijdschriften over flamenco?

Er is één Nederlandstalig flamencotijdschrift, “Mundo Flamenco” (dit is de opvolger van het blad Tablao Flamenco). Het verschijnt zes maal per jaar en kost 17,50 euro per jaar. Voor meer info kijk op de website: www.mundoflamenco.nl

Waar kan ik in Nederland terecht voor een flamencogitaar?

Dat kan bij La Guitarra Buena in Amsterdam (Reestraat 14) of www.guitarrabuena.nl. Guitarra buena heeft bovendien een adressenbestand voor flamencogitaardocenten en een (web)shop met flamencomuziek, dvd’s en meer.

Waar kan ik in Nederland live flamenco zien en horen?

Kijk op de site www.terremoto.nl voor een Nederlandse flamencoagenda.

Cafe Duende in Amsterdam (Lindengracht 62) heeft elke zaterdag live flamencomuziek, www.cafe-duende.nl

In Utrecht is er elke 2e zondag een pena: mail naar penadeutrecht@hotmail.com voor data en info.

In de casa Sevillana in Amsterdam zijn ook regelmatig noches de Sevillanas: www.sevillanas.nl

En in België:
Peña Arte Flamenco in Antwerpen (Oude Koornmarkt 42)heeft op zaterdag live flamenco,
En in de Peña Al Andalus (Vorstermanstraat 1 te Antwerpen) zijn ook vaak in het weekend voorstellingen.

Waar kan ik, behalve via flamenco.nl, meer informatie krijgen over flamenco en flamencolessen?

Voor informatie over flamenco en flamencolessen: jaarlijkse cursussen van docenten in A’dam en workshops van docenten uit Nederland en Spanje, kijk op www.terremoto.nl

Waar kan ik in Nederland Flamencoschoenen en kleding kopen?

Dat kan bij Flamante in Amsterdam, aan de Singel 180. Tel. 020-4223950, www.flamante.nl
Op de flamenco startpagina zijn nog meer winkels te vinden.

Waar kan ik in Nederland flamencoschoenen laten verzolen?

Er is (let op; tip uit 2008) een schoenmaker in Amsterdam die hetzelfde rubber onder je flamencoschoenen kan zetten als waarmee je ze gekocht hebt: Reyhan, De Clercqstraat 62, 1052 NJ Amsterdam, 020 – 689 54 87

Ik zou graag flamenco willen leren dansen. Is het nodig om flamenco-schoenen aan te schaffen voor de eerste les? Zo niet, wat voor schoenen kan ik het best gebruiken als beginner?

Flamencoschoenen zijn wel het beste, maar als je ze niet direct wilt aanschaffen, neem dan schoenen met een blokhak (in elk geval geen hele puntige hak) van ongeveer 4 á 6 cm hoog. Niet hoger want dat is vervelend voor de rug. Daarnaast liefst schoenen met een leren zool en hak (geen rubber). En liefst wat stevig (voor je enkels).

Ik zoek voor school, het vak Culturele en Kunstzinnige Vorming, informatie over flamenco en over stijlen van de Flamenco dans

Regelmatig krijg ik dit soort verzoekjes binnen.
Mijn eerste antwoord is dan meestal, dat veel informatie gewoon al op de website te vinden is.
Als je daarna nog meer vragen hebt, kan ik die natuurlijk per mail beantwoorden. Ook staat er veel informatie op andere websites (wel vaak in het Engels) die in de links te vinden zijn op de flamenco startpagina.
Dus:
1. gebruik de informatie die al op de website staat 2. gebruik eventueel de links 3. mail www.flamenco.nl voor eventuele vragen die je dan nog hebt!
Je krijgt dan altijd een antwoord terug. Veel succes aan alle werkstuk-schrijvers!

En (zie vorige vraag) in antwoord op de vraag over stijlen van flamenco, is hier een beknopte uitleg van vijf flamencostijlen (er zijn er veel meer).

(Ook daarover is meer te vinden op het web, kijk bijvoorbeeld eens op www.flamenco-world.com.)

1.Soleares
De moeder of stam van de flamenco. 12 tellig ritme met aanvang op de 1.
Soleares gaan meestal over triestheid en eenzaamheid. De muziek zang en dans zijn ook ernstig, zwaar.

2. Bulerías
Lichtvoetig ritme, waarschijnlijk afgeleid van de Alegría, thema’s: o.a. grappige verhaaltjes, en de liefde.
Bulerías worden geteld in 12 tellen, maar nu startend op de 12.
Verder staat de streek Jerez bekend om zijn/haar Bulerías en worden Bulerías vaak “por fiesta” gedanst/gespeeld en gezongen,
dus voor een feestelijke gelegenheid en ook aan het einde van voorstellingen zie je ze vaak.

3. Alegrías
Ook een oudere vorm. Lijkt qua ritme op de Bulerías maar is langzamer, en is ook anders qua accenten in het ritme.
Alegría=vreugde en een Alegría beeldt ook vaak vreugde uit. Cadiz staat bijvoorbeeld weer bekend om de Alegrias.

4. Tangos
Geteld in 4 tellen. Los, vrolijk, speelse stijl. Populair ook. Vaak met veel ritmische variatie erin.

5. Seguiriya
Seguiriya is een oude stijl, nauw verwant aan de Martinete. Seguiriya telt men vaak in vijf tellen (al kan het ook in 12), waarbij de 3 en 4 langer zijn.
Thema’s: afscheid, verlaten worden..is dus weer “zwaar” qua thematiek.

De armbewegingen contrasteren met de been-voetbewegingen. Waar vind dit contrast haar oorsprong?

De armbewegingen(en handbewegingen) vinden waarschijnlijk hun oorsprong in India, omdat de zigeuners ooit daarvandaan naar Europa trokken. Je ziet ook nu in Indiase dans nog steeds wel overeenkomsten in arm en handbewegingen met flamenco. De voetbewegingen zijn waarschijnlijk later ontstaan, zelfs pas in de 20e eeuw. En tot ongeveer 1940/1950 toen Carmen Amaya dat voor het eerst deed, dansten vrouwen alleen met bovenlijf en armen en maakten eigenlijk geen geluid met hun voeten, alleen misschien wat danspassen. Het voetenwerk was alleen het domein van de mannen. Nu is dat veranderd, maar vandaar dat ze niet dezelfde oorsprong hebben. Waar het voetenwerk precies vandaan komt is niet zeker, maar het is een vorm van ritme, van percussie met de voeten, en het is waarschijnlijk ooit ontstaan om het ritme aan te geven met de voeten en als een vorm van muziek.

Hoe kom ik aan een patroon voor een flamencorok?

Kijk eens op www.flamencokleding.nl

Op veler verzoek: de origine van de flamencojurk

De flamencojurk is ontstaan vanuit de “Calico”jurken die als werkkleding werden gedragen door de Andalusische vrouwen van de 19e eeuw, als zij de veehandelaren vergezelden naar de “Feria de abril” in Sevilla. Deze werden voor het eerste gehouden in 1847. Het was toen vooral een veemarkt, maar de handel werd op den duur ondergeschikt aan de festiviteiten totdat alleen het feest overbleef waarop nog wel steeds de originele kleding werd gedragen van de veehandelaren en hun vrouwen. De jurken die zij droegen waren eenvoudig, met twee of drie stroken aan de rok en van fel gekleurde stoffen gemaakt. Op de Ibero-Amerikaanse tentoonstelling in 1929 werden de traditionele jurken voor het eerst ook door dames van hoge stand gedragen en vanaf dat moment was de jurk definitief het traditionele kostuum wat iedereen droeg naar de Feria. De originele vorm van de jurk wordt ook wel de “gitaarvorm” genoemd en is bedoeld om het figuur van de vrouw zo voordelig mogelijk te laten uitkomen: een mooie wijde hals en het haar vast om de nek langer te laten lijken, strak over de taille en wijder vanaf de heupen (het zandlopersilhouet), met stroken aan de rok die ervoor zouden zorgen dat de vrouw een trotsere manier van lopen kreeg…

Door de decennia heen veranderde met de mode en de economische situatie de uitvoering van de jurken: Jaren veertig: na de burgeroorlog waren de jurken mooier dan ooit: zo lang als nu, recht en gestippeld maar van eenvoudige stoffen, gedragen met bloemen, haarkammen, armbanden en verborgen zakken om geld in te bewaren die nog steeds in de traditionele jurk worden gevonden.

Jaren vijftig: De jurken werden korter, zodat de schoenen zichtbaar werden. de jurken werden versierd met opgestikt kant en werden wat makkelijker draagbaar.

Jaren zestig en zeventig: toen de economische toestand verbeterde werden de jurken korter, in de jaren zestig tot op de knie of halverwege de kuit. De stroken werden “klokkend” aan de jurk gezet met behulp van stijfsel zodat ze heel wijd uitstonden en de mouwen werden tot op de elleboog of pols gedragen en versierd met strookjes. In de jaren zeventig werd de jurk weer enkellang en werden hele felle kleuren gebruikt.

In de jaren tachtig werden prints modern en werd een overdaad aan kant, satijnen stoffen en linten gezien. In de jaren negentig verloor de jurk ineens volume. De belijning werd simpel en de jurken werden comfortabeler om te dragen ook door het gebruik van dunne en lichte stoffen. Effen stoffen werden ineens weer in en simpele kleine stippels.
Aan het begin van het nieuwe millennium zien we weer wat terugkomen van de traditionele mode: de stippen worden weer wat groter en ook popeline is weer terug (een wat dikkere katoenachtige stof). wel blijft de belijning aansluitend en strak, maar wordt nu de jurk soms in twee delen gesplitst, een bovenstuk en jurk. De taille is laag en stroken worden nu soms helemaal weggelaten of er worden alleen enkele lagen onderaan de rok gezet. ook de traditionele haardracht is terug: de lage knot, haar strak naar achteren getrokken en misschien een enkele krul die strak op de wang zit.
Maar de flamencomode verandert jaarlijks of misschien beter gezegd tweejaarlijks. Nog steeds worden in Sevilla de nieuwe jurken gepresenteerd, maar nu vooral op de tweejaarlijkse “Biënnale” waar de modeshows onderdeel uitmaken van het uitgebreide programma van het grootste flamencofestival.

Flamenco.nl 2003 Bronnen: o.a. flamenco-world.com en iberiaole.com.

In welke landen wordt flamenco allemaal beoefend?

Flamenco wordt beoefend in o.a.: Spanje!!! Frankrijk, Belgie, Nederland, Duitsland, Engeland, Japan, Australie, Portugal, Zwitserland, Noorwegen, Denemarken, de Verenigde Staten en nog veel meer landen.
Je kunt foto’s vinden van mensen die flamenco dansen uit allerlei landen via deze link:
http://www.flamenco-world.com/magazine/fotos/lectores/fotos11.htm